De fiscale waardering van het voordeel in natura van de ter beschikkingstelling van een woonst, wordt gewijzigd door de Circulaire 2018/C/57. We maken van de gelegenheid gebruik om een overzicht te geven van enkele bijzonderheden waarmee rekening gehouden dient te worden indien een woning ter beschikking gesteld wordt aan een medewerker of bedrijfsleider.
Meer lezenDe zomermaanden zijn de vakantieperiode bij uitstek. Wat gebeurt er indien uw werknemer ziek wordt tijdens de vakantieperiode? We maken volgend onderscheid.
Meer lezenIn de niet aflatende strijd tegen sociale fraude en oneerlijke concurrentie, is sinds 1 april 2014 de aanwezigheidsregistratie op de bouwwerven ingevoerd. Met deze maatregel wou men duidelijkheid scheppen over wie aanwezig is op de bouwplaats, wanneer, voor wie en onder welk statuut. We hernemen hieronder nog even de principes.
Meer lezenHeel wat ondernemingen bieden hun medewerkers een collectieve hospitalisatieverzekering aan. Er zijn heel wat verschillen in de aangeboden verzekeringspolissen. Polis per polis dient te worden nagegaan welke voordelen en tussenkomsten worden aangeboden.
Meer lezenBepaalde inkomsten van Belgische oorsprong, verkregen door personen die noch hun domicilie noch hun zetel van fortuin in België hebben gevestigd, zijn onderworpen aan de belasting van niet-inwoner (BNI). Zij dienen hun Belgische inkomsten ontvangen als zelfstandige, buitenlands kaderlid of als loontrekkende aan te geven aan de Belgische fiscus.
Meer lezenIn heel wat sectoren bestaat een sectoraal aanvullend pensioenplan voor “vaste” medewerkers. Dit houdt in dat de werkgever, voor de werknemers die bij hem in dienst zijn een bepaald percentage van het loon voor het aanvullend pensioen van zijn medewerkers in een sectoraal fonds bijdraagt.
Meer lezenEen werknemer die zonder wettige reden een passende dienstbetrekking verlaat, kan tijdelijk uitgesloten worden van het recht op werkloosheidsuitkeringen.
Meer lezenSinds 1 januari 2014 gelden uniforme opzeggingstermijnen voor arbeiders en bedienden.[1] Tevens werd o.a. de proeftijd afgeschaft.
Meer lezenDe wetgeving bepaalt dat de wekelijkse arbeidsduur van een deeltijdse medewerker minstens 1/3 van een voltijdse tewerkstelling dient te bedragen[1]. In de horecasector is hierop een uitzondering voorzien de stelt dat een deeltijdse medewerker minstens 10 uur dient te presteren.
Meer lezenDe horecasector kent een systeem van “netto- overuren”. Voor deze overuren dienen in principe evenwel de procedures van toepassing voor overuren ingevolge onvoorziene noodzakelijkheid en buitengewone vermeerdering van werk te worden gevolgd. Om hieraan tegemoet te komen, vallen de vrijwillige overuren voortaan ook onder het systeem van de netto- overuren.
Meer lezen