Doelgroepvermindering eerste aanwervingen gewijzigd per 1 juli 2026

Vanaf 1 juli 2026 wijzigen de regels rond de RSZ-doelgroepvermindering voor eerste aanwervingen (ook wel plusplannen genoemd) opnieuw. De bestaande korting op de patronale sociale basisbijdragen, wordt verder aangepast. Hieronder vindt u een overzicht van de wijzigingen.

Vermindering maximale korting voor de eerste aanwerving

De doelgroepvermindering voor de eerste aanwerving wordt vanaf 1 juli 2026 verder beperkt.

De maximale korting bedraagt voortaan 2.000 EUR per volledig voltijds kwartaal, waar dit voordien nog maximaal 3.100 EUR was.

Deze beperking geldt niet alleen voor nieuwe eerste aanwervingen vanaf 1 juli 2026, maar ook voor alle bestaande doelgroepverminderingen die reeds vóór die datum zijn gestart. De korting blijft wel, net zoals voordien, onbeperkt in de tijd bestaan.

Om recht te hebben op de doelgroepvermindering voor een eerste werknemer moet u nog steeds beschouwd worden als een nieuwe werkgever van deze eerste werknemer. Dat betekent dat de onderneming nooit eerder onderworpen was aan de sociale zekerheid voor werknemers of gedurende de 12 maanden vóór de aanwerving geen werknemers heeft tewerkgesteld, met uitzondering van enkele wettelijk uitgesloten categorieën.

De uitgesloten categorieën zijn de volgende:

·         jongeren tot en met 31 december van het jaar waarin zij 18 jaar worden;

·         leerlingen in een systeem van duaal leren;

·         dienstboden;

·         gelegenheidsarbeiders in de land- en tuinbouw;

·         gelegenheidswerknemers in de horeca en flexi-job medewerkers;

·         verenigingswerkers in de socioculturele sector en de sport;

·         personen die niet onder de socialezekerheidswet van 1969 vallen, zoals onder meer jobstudenten met solidariteitsbijdragen, IBO-contracten, vrijwilligers en bepaalde stagiairs.

Nieuwe regeling voor de tweede tot en met vijfde aanwerving

Vanaf 1 juli 2026 worden ook de doelgroepverminderingen voor de tweede tot en met vijfde werknemer aangepast.

Die verminderingen waren sinds 2024 afgeschaft, en keren nu dus terug. Voor een zesde werknemer, eveneens afgeschaft in 2024, keert het voordeel niet terug.

Voor de vierde en vijfde aanwerving wordt opnieuw een doelgroepvermindering ingevoerd met als maximale korting 1.000 EUR per volledig voltijds kwartaal gedurende de eerste drie jaar (12 kwartalen).

Datzelfde maximumbedrag van 1.000 EUR per kwartaal geldt vanaf 1 juli 2026 eveneens voor de tweede en derde aanwerving.

Werkgevers die vóór 1 juli 2026 al een recht op doelgroepvermindering voor een tweede of derde aanwerving hebben geopend, kunnen hiervoor de bestaande regeling blijven toepassen.

Onderstaand een overzicht van de nieuwe situatie:

Vrije keuze van de werknemer

De doelgroepverminderingen zijn niet gekoppeld aan een specifieke werknemer. Werkgevers kunnen elk kwartaal zelf bepalen voor welke werknemer de vermindering wordt toegepast. Het is dus mogelijk dat de werknemer die oorspronkelijk het recht opende, niet langer in dienst is.

Voor de doelgroepvermindering van de tweede tot en met de vijfde werknemer geldt wel dat deze enkel kan worden toegepast binnen een periode van 20 kwartalen na de aanwerving.

Enkele algemene bepalingen

Aandacht voor de technische bedrijfseenheid

Wanneer een onderneming uit meerdere juridische entiteiten bestaat, moet rekening worden gehouden met de regels rond de technische bedrijfseenheid (TBE).

Sinds 1 januari 2022 geldt hiervoor een specifieke wettelijke definitie. Er is sprake van een TBE wanneer meerdere juridische entiteiten:

·         een aantoonbare sociale band hebben via minstens één gemeenschappelijk betrokken persoon, ongeacht diens functie; én

·         een gelijktijdige of historische socio-economische verwevenheid vertonen.

Er is dan sprake van een simultane of historische technische bedrijfseenheid.

Bij een simultane TBE zijn meerdere ondernemingen op hetzelfde moment actief en is er zowel een sociale als een socio-economische verwevenheid.

Voorbeelden hiervan zijn:

·         een groep ondernemingen met een gemeenschappelijke aansturing en soortgelijke of aanvullende activiteiten

·         ondernemingen van dezelfde eigenaar die elk een deel van dezelfde economische activiteit uitvoeren.

Een historische TBE bestaat uit ondernemingen die in de 12 maanden vóór de indiensttreding van de eerste werknemer naast een sociale band ook een voorafgaande socio-economische verwevenheid hadden.

Voorbeelden hiervan zijn:

·         de opsplitsing van een deel van een onderneming naar een nieuwe zelfstandige activiteit;

·         een bedrijfsovername;

·         een bestuurder die een onderneming verlaat, een nieuwe vennootschap opricht met gelijkaardige activiteiten en daarbij een deel van de klantenportefeuille overneemt.

Er is geen recht op een doelgroepvermindering voor de eerste werknemer wanneer de onderneming:

·         deel uitmaakt van een simultane TBE waarin op het moment van de aanwerving al een werknemer in dienst is;

·         deel uitmaakt van een historische TBE waarbij het aantal werknemers bij de andere werkgever(s) binnen de TBE afneemt;

·         deel uitmaakt van een simultane of historische TBE waarbij de nieuwe werknemer een werknemer vervangt die tijdens de voorafgaande twaalf maanden binnen dezelfde TBE werkzaam was.

Voor de doelgroepvermindering van de tweede tot en met de vijfde werknemer geldt dat er geen recht bestaat wanneer de werkgever deel uitmaakt van een simultane TBE waarin gedurende de voorafgaande twaalf maanden reeds respectievelijk één, twee, drie of vier werknemers tewerkgesteld waren overeenkomstig de wettelijke voorwaarden.

Meer info nodig?

Meer informatie kan u steeds in de RSZ-instructies terugvinden. Deze kan u raadplegen via volgende link: https://www.socialsecurity.be/employer/instructions/dmfa/nl/latest/instructions/deductions/structuralreduction_targetgroupreductions/firstengagments.html

 

 

 

                                                                                             

Legal Paycover